nl
nl de en
Open | Donderdag t/m zondag | 11:00 uur tot 17:00 uur
Tickets kopen

Jan Toorop als artistiek vernieuwer en devoot katholiek

16 sep 2021

Mijn naam is Jet Sloterdijk. Mijn eerste taak als junior-conservator bij Villa Mondriaan was het zoeken van geschikte bruiklenen voor en het inrichten van de tentoonstelling Jan Toorop: Tussen geloof en hoop, die nog tot eind oktober te zien zal zijn. We laten werken uit zijn beginjaren zien, waarin hij voortborduurde op de Nederlandse realistische traditie en die doen denken aan de Haagse School. Aan de andere kant van de zaal hangen werken van heel andere aard, uit de periode waarin Toorop zich toelegde op het maken van religieuze kunst. Op die periode zal ik mij in deze lezing richten, specifiek op een monumentaal werk: het Apostelraam in de voormalige Sint Jozefkerk.

De Sint Jozefkerk

Voordat ik hier verder op inga, wil ik eerst het gebouw kort introduceren. De katholieke Sint Jozefkerk is een ontwerp van de verder vrij onbekende architect B.J. Claase. De kerk is een Rijksmonument. Het werd in 1907 ontworpen, de bouw kwam in 1909 gereed. Dat er op zo’n markante plek aan de rand van het stadscentrum in de twintigste eeuw nog een nieuwe, grote kerk kon verrijzen, komt omdat rond 1880 de status van Nijmegen als vestingstad werd opgeheven. Daardoor konden de stadswallen worden gesloopt en de stad drastisch worden uitgebreid. Niet veel later lag er al een ontwerp voor een grootse, neogotische kerk. Deze is er nooit gekomen. Het ontwerp van Claase is veel bescheidener, maar ook gewaagder. Met haar neoromaanse stijl met byzantijnse invloeden vormt de kerk nog steeds een uitzondering in het overwegend door neogotische kerkgebouwen gedomineerde hart van de stad. Helemaal uniek is de keuze voor deze stijl overigens niet, deze kwam in zwang rond de eeuwwisseling en was bijvoorbeeld op fraaie wijze al eens uitgewerkt in de St. Bavo kathedraal in Haarlem. Hiervoor ontwierp Jan Toorop een nooit uitgevoerd glas-in-loodraam en in de Aloysiuskapel zijn de keramiektableaus van zijn hand te vinden. Maar dat terzijde.

Jan Toorops verblijf in Nederland

Rond de tijd dat Toorop in Nijmegen kwam wonen, in 1908, genoot Nijmegen enige bekendheid om de hoge concentratie aan religieuze gebouwen. Het is dus niet zo gek dat hij, als kersverse katholiek, deze stad als zijn nieuwe thuis verkoos. Zijn contacten met de katholieke gemeenschap intensiveerden, waaronder die met de jezuïeten. Die contacten hebben geresulteerd in een groot aantal prachtige portretten, en bovendien in het Apostelraam hier in de voormalige Sint Jozefkerk.

Jan Toorop was een van de belangrijkste kunstenaars van het begin van de twintigste eeuw. Een man van veel disciplines en verschillende stromingen. Hij schilderde, tekende, ontwierp affiches en boekbanden. Bovendien was hij in Nederland voortrekker van het pointillisme en het symbolisme. Hij had invloed op grote namen als de Oostenrijkse symbolistische kunstenaar Gustav Klimt.

De kunstenaar kwam in 1873 naar Nederland vanuit Nederlands-Indië, waar hij in 1858 in Poerworedjo op Java geboren was. Na een verblijf in Leiden kwam hij in Winterswijk bij een gastgezin terecht, waar hij tussen 1874 en 1875 verbleef. Zij woonden in één van de docentenwoningen aan de Zonnebrink, op nummer 7. Dat is schuin tegenover het huidige Villa Mondriaan. Toorop bezocht de Rijks Hoogere Burgerschool, en kon zich aan het eind van zijn leven de botanische tuin achter deze school nog herinneren. Daar tekende hij naar eigen zeggen ‘cahiers vol bloemen’. Er is voor zover bekend geen Winterswijks werk van Toorop bewaard gebleven, hoewel er vermoedens bestaan dat een kaart van Azië, die zich in het Rijksmuseum bevindt, uit die tijd dateert. ’t Was een heerlik leven’, zo omschreef Toorop zijn Winterswijkse tijd.

Jan Toorop, Kaart van Azië, ongedateerd, inkt op papier, 45,8 x 60,9 cm, Rijksmuseum Amsterdam (inv. nr. RP-T-1929-6).

 

Jan Toorop en het Apostelraam

Jan Toorop kreeg cathechisatie-lessen van predikant F. Meiijes. ‘Ik was geen heiden vóór ik Katholiek werd’, zei de kunstenaar daar zelf over. Toorop verhuisde verder naar voogden in Den Haag en Delft. In Delft deed Toorop rond 1879 een openbare geloofsbelijdenis en werd aangenomen in de Protestantse kerk. ‘Ik geloofde aan Jezus, maar heel onklaar’, zei hij later zelf. Toen hij eenmaal aan de Rijksacademie in Amsterdam studeerde, liet hij het geloof voor wat het was. ‘In Amsterdam ging ik ‘natuurlik’ niet meer naar de kerk. Er was niets meer dat me aantrok. Indruk naar binnen maakte ’t niet. ’t Pittoreske van de Jodenbuurt en volk deed me veel meer,’ herinnerde Toorop zich. De interesse voor het volkse, en ook voor de tegenstelling tussen stad en platteland, is goed terug te zien in het werk van Toorop dat hij aan het begin van zijn carrière maakte.

Toch verloor de kunstenaar nooit helemaal zijn belangstelling voor het geloof. Uiteindelijk bekeerde hij zich in 1905 tot het katholieke geloof en liet zich samen met zijn dochter, Charley Toorop, dopen. Al snel na zijn doop kreeg Jan Toorop monumentale opdrachten uit kerkelijke hoek. Een van de mooiste voorbeelden is het Apostelraam in deze voormalige St. Jozefkerk. In 1911 kreeg hij opdracht van de jezuïeten om ramen met de twaalf apostelen te ontwerpen. In potlood tekende hij zijn eerste ontwerpen, die hij voorzag van kleurnotities en die hij later invulde met aquarel. Onder de figuren noteerde hij de namen van de apostelen. De tekeningen waren de basis voor kleurschetsen in een verhouding van 1:10. Deze stuurde hij naar glasatelier Derix, dat kartons op ware grootte maakte. Vervolgens corrigeerde Toorop deze weer. Toen het glas eenmaal was vervaardigd, beschilderde Toorop zelf de hoofden en de handen van de apostelen. De rest werd door het glasatelier gedaan.

De Apostelen

De hoofden en handen zijn ook meteen de meest gedetailleerde onderdelen van de Apostelen. Dit is kenmerkend voor Toorops praktijk in deze jaren. In de vele portretten die hij maakte van onder meer geestelijken, zijn de schouders en hals vaak in een paar schetsmatige lijnen neergezet, maar is het gelaat zeer gedetailleerd uitgewerkt. In het Apostelraam is dat dus niet anders, hoewel de lijnen in het raam eerder gestileerd voorkomen dan schetsmatig. Grappig is dat Toorop, zoals hij wel vaker deed, bekenden gebruikte als modellen voor de koppen van de apostelen. Voor Petrus stond de Ulftenaar Engelbart Robben model. Toorop moet Engelbart hebben ontmoet toen hij bij de DRU emaille fabriek in Ulft tekeningen maakte. Bovendien beeldde Toorop zichzelf af, als de apostel Judas Thaddeüs. Want hoe kun je jezelf beter presenteren als vrome katholiek dan door jezelf als een van de leerlingen van Christus te verbeelden? De apostel Judas Thaddeüs moet dan ook niet worden verward met Judas Iskariot, die Jezus verraadde.

Jan Toorop, Apostelraam, 1911-1915, glas-in-lood, Titus Brandsma Gedachteniskerk Nijmegen. Fotograaf Jack Balhan.

De Apostelen dragen allemaal de attributen waaraan zij herkend kunnen worden, zoals de sleutel van Petrus. De kleuren van de habijten hebben ook symboliek. Het rood staat voor het bloed van Jezus, voor vergeving en reiniging van zonde, voor bevrijding en voor de liefde van Jezus voor ons. Rood is de belangrijkste kleur in de Bijbel. Het blauw symboliseert de hemel, de Heilige Geest en het water. Alles wat Jezus deed op aarde, deed hij door de kracht van de Heilige Geest. Als laatste staat groen voor de nieuwheid van het leven, voor groei en herstel en voor de door God geschapen natuur.

Boven de Apostelen troont Jezus, met om hem heen een regenboog en aan weerszijden een engel. De regenboog is het natuurlijke teken van het goddelijk genadeverbond met de levende wezens op aarde, het eerst aan Noach gegeven, na afloop van de allesverdelgende zondvloed. God noemde de regenboog ‘mijn boog’. De boog dient als teken Hij de wereld niet opnieuw zal vernietigen door een vloed. Het witte kleed van Jezus symboliseert het witte licht van God, dat breekt in de kleuren van de regenboog. Enkele schakeringen van de regenboogkleuren – naast rood, blauw en groen – komen terug in de dracht van de Apostelen. Zo verbond Toorop de Apostelen aan Jezus en aan God. De Apostelen waren immers de verkondigers van Gods woord op aarde en discipelen van Jezus Christus.

Van alle figuren in het raam heeft Toorop aan Jezus de meeste tijd besteed. De kunstenaar had moeite met het tekenen van zijn hoofd, en dan vooral zijn uitdrukking. De eerste keer was die te meewarig, de tweede keer te streng. Uiteindelijk was het de derde keer naar tevredenheid. Enkelen zagen in de manier waarop Toorop Jezus had weergegeven de Indonesische roots van de kunstenaar terug. In het boek Java in onze kunst schreef Gerard Brom in 1931: ‘Toorop beschouwt Christus allereerst als de meelijdende, aan wie hij boven het Nijmeegse apostelraam, zo al geen maleise trekken, dan toch, in bewuste onderscheiding van de blonde Christus bij zoveel Italianen, donker haar en donkere huid gegeven heeft, om zijn gelief Java broederlijk in de volheid van de eerstgeboren Zoon des Vaders op te nemen’.

Een van de glasstudies voor het hoofd van Jezus werd samen met die voor een van de Apostelen tot aan zijn dood door Toorop in zijn atelier bewaard. Tijdens zijn leven heeft de kunstenaar ze verscheidene keren tentoongesteld.

Onbekende fotograaf, het atelier van Jan Toorop gefotografeerd kort na zijn overlijden met voor het raam (rechts op de foto) twee proeven van de glazenier Jan Schouten naar een ontwerp van Jan Toorop voor het Apostelraam in de Sint Jozefkerk. Fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen.

 

Critici over Toorop

Toorop was zelf dus trots op zijn ontwerpen, en dat zal ook voor het raam in zijn geheel hebben gegolden. Of de opdrachtgevers er ook zo blij meer waren valt te betwijfelen. In de literatuur staat vermeld dat Toorop het raam ‘naar ieders tevredenheid’ voltooide. Voor het ontwerp van het tegenoverliggende raam werd echter een van de medewerkers van het glasatelier Derix, dat ook het Apostelraam had uitgevoerd, gevraagd. Tot woede van Toorop, die vond dat daarmee de eenheid van het gebouw ernstig werd aangetast. Wellicht werd Toorops vormgeving te modern gevonden? In ieder geval heeft het door de Derix-kunstenaar ontworpen raam een traditionelere uitstraling. Blijkbaar hebben er nog wel plannen bestaan om Toorop later alsnog een raam tegenover zijn eigen Apostelraam te laten ontwerpen. Om onbekende redenen viel dat nogmaals in het water, net als het plan om hem dan een schildering van de vier Evangelisten in de koepel te laten aanbrengen.

Over Toorops religieuze werk bestonden inderdaad uiteenlopende meningen. ‘Waarom boeit geen schilder zoals Toorop? Want het feit spreekt genoeg uit een massa boeken en artikelen, alleen door de literatuur over Vincent overtroffen. De diepste oorzaak moet wel zijn de geestelike, godsdienstige waarde van Toorop. Toen hij nog zoekend en tastend was, viel de algemene belangstelling desnoods te verklaren uit nieuwsgierigheid naar zijn geheimzinnige, grillige groei; maar sinds hij zich bekende als trouw Katholiek, bleek het meer dan een mode, die gauw gedaan zou zijn […]’. Aldus Gerard Brom, in een artikel uit 1916 in De Beiaard.

Aan de andere kant kon dus niet iedereen het waarderen. Fervent verzamelaarster Helène Kröller-Müller bracht een grote groep werken van de kunstenaar samen. In 1935 schreef zij: ‘Van het zoogenaamde Katholieke werk, ontstaan, nadat Toorop zich tot de Katholieke Kerk had bekend, zijn slechts heel enkele uitingen, van klein formaat aanwezig.’ Ze schreef de ‘kerkelijke kunst’ opzettelijk te hebben gemeden, niet vanuit religieus oogpunt maar omdat zij vond dat de werken ‘in aesthetischen zin, niettegenstaande de bewondering van het publiek, niet meer aan de eischen die men aan den kunstenaar Toorop moet stellen, voldoet’. Die keuze wordt nog steeds gerespecteerd, er bevindt zich in de grote Toorop-collectie van het Kröller-Müller Museum nauwelijks religieus werk.

Dat het religieuze werk bij het grote publiek echter aansloeg, is ook te zien in de tentoonstelling in Villa Mondriaan. Religieuze voorstellingen van Toorop werden tijdens zijn leven, maar vooral na zijn overlijden op grote schaal gereproduceerd als prentbriefkaarten, kalenders, bidprentjes et cetera. Deze zijn zeer breed verzameld, vaak in de familie bewaard gebleven en worden tot op de dag van vandaag gekoesterd. Na een oproep van Villa Mondriaan om zulke prenten uit te lenen voor de tentoonstelling kwam er grote respons, wat laat zien dat de belangstelling voor het religieuze werk van Toorop nog steeds groot is.

 

  • Lezing door Jet Sloterdijk, 10/09/21
Terug naar overzicht